Opdracht en doel

Opdracht en doel van de Christengemeente te Roermond


De Gemeente was al in Gods gedachte voor de grondlegging der wereld. De gemeente zoals deze na de pinksterdag ging functioneren, is niet zoals dit in onze tijd vaak gezien wordt een instituut of gebouw. De gemeente van Jezus Christus is een organisme dat leeft. Dit komt duidelijk tot uiting in de benaming voor de gemeente in de bijbel. De gemeente van Jezus Christus wordt o.a kudde; het huis van God; bruid van het Lam; het Lichaam van Christus, genoemd. Het zijn de gelovigen tezamen, die door bekering en het aanvaarden van Jezus Christus als hun persoonlijke Verlosser, Redder en Heer, samen de gemeente van Jezus Christus vormen en elkaar willen dienen. De Here Jezus is ook voor de Gemeente gestorven (Handelingen 20: 28), Hij heeft zijn Geest gestuurd en Hij komt voor de Gemeente terug. Als Eigenaar van de Gemeente heeft Hij de opdracht al vastgelegd en dit kunnen en mogen wij niet veranderen; de stijl mag veranderen maar de inhoud niet.

 

Er zijn 2 belangrijke uitspraken van Jezus die hier uitdrukking aan geven n.l.:


Het grote gebod:
Mat 22:37-40
Gij zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw verstand. Dit is het grote en eerste gebod. Het tweede daaraan gelijk is: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf.


De grote opdracht:
Mat 28:19,20
Gaat dan henen, maakt al de volken tot mijn discipelen en doopt hen in de naam des Vaders en des Zoons en des Heilige Geestes en leert hen onderhouden al wat Ik u bevolen heb.


Uit deze twee verzen kun je 5 opdrachten voor de gemeente formuleren.
1. God liefhebben met je gehele hart : Aanbidden
2. Je naaste liefhebben als je zelf : Dienen (Diaconie en Gemeenschap)
3. Ga heen en maak discipelen : Evangeliseren en Zenden
4. Leert onderhouden : Discipelschap


Deze opdrachten Aanbidden, Dienen, Evangeliseren en Zenden, Discipelschap en Gemeenschap willen wij in het leven van elke gelovige ontwikkelen en daarmee in de gemeente Het waren juist deze opdrachten die de eerste gemeente, beschreven in Handelingen 2: 1-47, kenmerkten.


Deze kenmerken kunnen als volgt worden samengevat:

Het VVV-principe: Wij strekken ons er naar uit dat mensen

“Jezus vinden, volgen en verkondigen”.


In dit proces is er sprake van groei in toewijding van de gelovige aan de Here Jezus en daarmee ook aan de gemeente van Jezus Christus.